ECLI:NL:RBARN:2004:AP4233
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Overeenkomst niet gekwalificeerd als huurkoopovereenkomst tussen Dexia Bank en consument
De zaak betreft een vordering van Dexia Bank tegen een consument tot betaling van een bedrag voortvloeiend uit een overeenkomst voor het product WinstVerDriedubbelaar. Dexia stelt dat de overeenkomst is geëindigd en dat de consument de eindafrekening moet voldoen. De consument betwist dit en vordert onder meer verwijzing naar de sector kanton op grond van de kwalificatie van de overeenkomst als huurkoop.
De rechtbank onderzoekt de aard van de overeenkomst en stelt vast dat deze niet voldoet aan de definitie van koop en verkoop op afbetaling zoals bedoeld in artikel 7A:1576 lid 1 BW. De overeenkomst voorziet niet in eigendomsoverdracht van aandelen aan de consument, maar in verkoop aan een derde met afrekening door Dexia. Hierdoor is geen sprake van huurkoop.
De incidentele vorderingen van de consument, waaronder verwijzing naar de kantonsector en aanhouding van de procedure, worden afgewezen. De rechtbank wijst de consument ook in de kosten van het incident. Er wordt een comparitie van partijen gepland om nader onderzoek te doen en te bezien of partijen tot overeenstemming kunnen komen.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en hoger beroep is slechts mogelijk samen met het eindvonnis. De procedure wordt voortgezet met een comparitie waarbij partijen en hun advocaten aanwezig moeten zijn.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat de overeenkomst geen huurkoop is en wijst de incidentele vorderingen af.