ECLI:NL:RBARN:2004:AP6436
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurdersaansprakelijkheid en faillissementspauliana bij buitenlandse vennootschappen
De curator vordert hoofdelijk betaling van de schulden van drie buitenlandse vennootschappen van bestuurders X, Y en Z wegens onbehoorlijk bestuur dat het faillissement heeft veroorzaakt. De vennootschappen werden in 1996 failliet verklaard. De curator stelt dat de boekhouding gebrekkig was en dat Y en Z onverplichte geldopnames deden die de crediteuren benadeelden, waarop vernietiging wordt gevorderd.
Z voert verweer tegen aansprakelijkheid en stelt rechtsverwerking wegens tijdsverloop, wat door de rechtbank wordt verworpen. De rechtbank past het oude artikel 2:138 BW Pro toe en onderzoekt of het bestuur tekort is geschoten in het bijhouden van de administratie volgens Nederlands en buitenlands recht. Z stelt dat hij na een hartinfarct geen bemoeienis meer had en de boekhouding toen nog in orde was.
De rechtbank gelast een comparitie om nadere toelichting en bewijs te verkrijgen over de periode en aard van de gebreken, de aansprakelijkheid van Z tijdens ziekte, en de wetenschap van Z omtrent het faillissement bij geldopnames. Tevens wordt onderzocht of de zaak door schikking kan worden beëindigd. Beslissing wordt aangehouden tot na comparitie.
Uitkomst: De rechtbank gelast een comparitie en houdt de beslissing aan voor nadere bewijslevering en onderzoek naar aansprakelijkheid en vernietigbaarheid van geldopnames.