ECLI:NL:RBARN:2004:AQ4068
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.M.H.J. Vroemen
- J. Penning
- V.M. van Daalen-Mannaerts
- Rechtspraak.nl
Afwijzing extra subsidie voor gebouwen en onderhoud na verzelfstandiging Nederlands Openluchtmuseum
Stichting Het Nederlands Openluchtmuseum (eiseres) vorderde extra subsidie voor de gebruikersvergoeding, onderhoud en instandhouding van dienst- en collectiegebouwen die na de verzelfstandiging in 1991 zijn gerealiseerd. Verweerder, de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, weigerde deze subsidie omdat deze kosten volgens hem binnen de toegekende exploitatiemiddelen van eiseres moesten worden gedragen.
De rechtbank overwoog dat uit het Protocol van overdracht en de geldende procedures niet blijkt dat de kosten van deze gebouwen voor rekening van verweerder komen. Ook was niet gebleken dat deze gebouwen als rijkshuisvestingobjecten waren aangewezen. De brief van eiseres uit 1998 waarin zij om opname van deze gebouwen vroeg, bleef onbeantwoord en vormde geen geldig verzoek volgens de geldende procedures.
De subsidiëring vindt plaats op basis van beleidsplannen met een sluitende begroting en een vastgesteld subsidieniveau. De Raad voor Cultuur adviseert hierover, waarna verweerder subsidie toekent binnen het beschikbare budget. De kosten waarvoor eiseres subsidie vroeg, waren niet in de begroting opgenomen maar maakten deel uit van een wensbegroting. De rechtbank oordeelde dat verweerder de gevraagde extra middelen in redelijkheid kon weigeren, omdat er geen wettelijke of beleidsmatige verplichting bestond deze kosten buiten de toegekende subsidie te vergoeden.
Het beroep van eiseres werd daarom ongegrond verklaard. De rechtbank legde geen proceskostenveroordeling op. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep van Stichting Het Nederlands Openluchtmuseum tegen de weigering van extra subsidie wordt ongegrond verklaard.