ECLI:NL:RBARN:2004:AQ5083
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid verzet tegen verstekvonnis faillissementstekort
In deze zaak gaat het om het verzet van X tegen een verstekvonnis waarbij hij werd veroordeeld tot betaling van het faillissementstekort van X B.V. Het verstekvonnis dateert van 31 juli 1997 en het verzet werd ingesteld op 23 januari 2003. Gedaagde, mr. Y, stelt dat het verzet te laat is omdat X al in 1997 op de hoogte was van het verstekvonnis en de termijn voor verzet daardoor is verstreken.
De rechtbank oordeelt dat kennisname door de raadsman of uitreiking van correspondentie niet de termijn voor verzet laat lopen. De termijn begint pas te lopen indien het verstekvonnis of een uitvoeringsakte daarvan in persoon is betekend of dat er handelingen zijn verricht die als tenuitvoerlegging kunnen worden beschouwd, bijvoorbeeld in de Verenigde Staten.
Omdat onvoldoende stukken zijn overgelegd waaruit blijkt dat dergelijke handelingen in de VS hebben plaatsgevonden, wordt mr. Y alsnog in de gelegenheid gesteld deze stukken in te brengen. X krijgt vervolgens de mogelijkheid om hierop te reageren. Van uitstel wordt afgezien en verdere beslissing wordt aangehouden tot na deze procedurele stappen.
Uitkomst: De rechtbank houdt de beslissing aan en stelt partijen in de gelegenheid aanvullende stukken over tenuitvoerlegging in de Verenigde Staten te overleggen.