ECLI:NL:RBARN:2004:AR3497
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst en ontruiming wegens huurachterstand en slecht huurderschap
De huurder is sinds april 2003 gedeeltelijk en vanaf april 2004 volledig gestopt met het betalen van de huur, waardoor een achterstand van €1.798,- is ontstaan tot en met juli 2004. De verhuurder vordert betaling van deze achterstand, maandelijkse huur over de periode na dagvaarding, en ontruiming van de woning wegens wanbetaling en onzorgvuldige bewoning.
De huurder stelt dat hij de huurbetalingen mag opschorten vanwege gebreken aan de woning, waaronder defecte verwarmingsinstallatie en geconstateerde brandweergebreken. De voorzieningenrechter oordeelt echter dat onvoldoende is komen vast te staan dat de woning gebreken vertoont die opschorting rechtvaardigen, mede omdat de huurder geen herstelverzoeken aan de verhuurder heeft gedaan.
Daarnaast is vastgesteld dat de huurder zich geruime tijd niet als een goed huurder heeft gedragen, met ernstige vervuiling van de keuken en sanitaire voorzieningen, wat ook een tekortkoming in de nakoming van verplichtingen inhoudt.
De voorzieningenrechter wijst de vorderingen van de verhuurder toe, veroordeelt de huurder tot betaling van de achterstallige huur en maandelijkse huur na dagvaarding, en beveelt ontruiming binnen vier weken met een dwangsom bij niet-naleving. De vordering van de huurder tot herstel van gebreken wordt afgewezen. De huurder wordt tevens in de kosten van de procedure veroordeeld.
Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot betaling van achterstallige huur en ontruiming binnen vier weken wegens wanbetaling en slecht huurderschap.