ECLI:NL:RBARN:2004:AS3475
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betwisting over contractsoverneming en incassokosten bij pandrecht op vordering
De zaak betreft een civiel geschil tussen Hoevens Schoenen B.V., de Pompernikkel v.o.f. en SNS Bank N.V. over de contractsoverneming van een pandrecht op een vordering van Van Iperen c.s. op de Pompernikkel. De bank had een krediet verstrekt aan Van Iperen c.s. en bedong zakelijke zekerheden waaronder verpanding van vorderingen. Na opzegging van het krediet en faillissement van Kagro, droeg de bank haar positie over aan Hoevens middels een notariële akte van contractsoverneming.
De kern van het geschil is of de Pompernikkel haar schuld aan Van Iperen c.s. bevrijdend heeft voldaan door betaling aan het incassobureau Vesting Service BV, dat namens de bank incasso's verrichtte, terwijl de contractsoverneming aan Hoevens was. Hoevens vordert betaling van het restantbedrag van de Pompernikkel, stellende dat betaling aan Vesting niet bevrijdend was. De Pompernikkel stelt dat zij op redelijke gronden mocht aannemen dat betaling aan Vesting volstond en vordert in vrijwaring betaling van de bank.
De rechtbank oordeelt dat Hoevens na de contractsoverneming bevoegd was de vordering te innen en dat Van Iperen c.s. de Pompernikkel daarvan schriftelijk op de hoogte bracht. De betaling aan Vesting was daarom niet bevrijdend, tenzij de bank gerechtigd was incassokosten te verrekenen met de betaling. De uitleg van de contractvoorwaarden hierover is onduidelijk en vereist bewijslevering. De rechtbank staat toe dat de bank bewijs levert over haar recht op incassokostenverhaal, waarna Hoevens tegenbewijs kan leveren. De zaak wordt aangehouden voor bewijslevering en verdere beslissing.
Uitkomst: De rechtbank houdt de zaak aan voor bewijslevering over de incassokostenverrekening en wijst verdere beslissing aan.