ECLI:NL:RBARN:2005:AT2438
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Zorgplicht en vergunningplicht effecteninstelling bij offensieve beleggingsstrategie
In deze civiele zaak vorderen eisers, bestaande uit drie particuliere beleggers, tegen de effecteninstelling Artesia en een gevolmachtigde die namens hen beleggingsorders plaatste. De kern van het geschil betreft de vraag of de gevolmachtigde beroepsmatig vermogensbeheer verrichtte zonder vergunning en of Artesia haar zorgplicht jegens de cliënten heeft geschonden door onvoldoende te waarschuwen voor de risico's van de offensieve beleggingsstrategie.
De gevolmachtigde had namens meerdere cliënten een volmacht om in aandelen en opties te beleggen, waarbij hij aanvankelijk defensief handelde maar later overging tot het schrijven van ongedekte opties en handelen in futures. Artesia zou volgens eisers onvoldoende hebben ingegrepen en gewaarschuwd, terwijl zij stelde dat er sprake was van een execution only relatie en dat zij niet op de hoogte was van de vergunningplicht.
De rechtbank overweegt dat de activiteiten van de gevolmachtigde vergunningplichtig zijn zodra deze beroepsmatig worden verricht en dat Artesia vanaf het moment dat zij dat wist of behoorde te weten geen orders meer had mogen aannemen. Tevens bevestigt de rechtbank de bijzondere zorgplicht van een effecteninstelling bij handel in risicovolle producten zoals opties, en stelt dat er een adviesrelatie bestond tussen Artesia en eisers.
De rechtbank nodigt partijen uit om nadere informatie te verstrekken over de aard van de vermogensbeheeractiviteiten, de relatie tussen partijen, de wijze van honorering, en de informatie die Artesia heeft ingewonnen over financiële positie en beleggingsdoelstellingen. De procedure wordt aangehouden voor het nemen van conclusies na tussenvonnis.
Uitkomst: Procedure aangehouden voor het verstrekken van aanvullende informatie en nadere conclusies.