ECLI:NL:RBARN:2005:AU1728
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Weigering gebod tot verplaatsing schutting na herbestrating wegens onvoldoende bewijs verslechtering en erfdienstbaarheid
Eiser vordert in kort geding dat gedaagde wordt bevolen de schutting achter de woningen terug te plaatsen op de oorspronkelijke plek van vóór de herbestrating van de oprit en achterplaats. Eiser stelt dat de nieuwe schutting het parkeren achter zijn woning bemoeilijkt en dat dit in strijd is met afspraken en een erfdienstbaarheid.
Gedaagde betwist de afspraken over het weglaten van de schutting en het bestaan van een erfdienstbaarheid die het parkeren waarborgt. De rechtbank constateert dat de stukken onvoldoende duidelijkheid geven over de gemaakte afspraken en de precieze inhoud en reikwijdte van de erfdienstbaarheid.
De rechtbank onderzoekt aan de hand van foto’s, tekeningen en verklaringen of de nieuwe situatie een verslechtering inhoudt ten opzichte van de oude situatie, maar kan dit niet vaststellen vanwege tegenstrijdige en onvoldoende bewijsmiddelen. Nader onderzoek hoort thuis in een bodemprocedure.
Daarom wijst de rechtbank het gevorderde gebod tot verplaatsing van de schutting af en veroordeelt eiser in de proceskosten. De beslissing is genomen door de voorzieningenrechter J.T.G. Roovers en uitgesproken op 19 juli 2005.
Uitkomst: De rechtbank wijst het gevorderde gebod tot verplaatsing van de schutting af wegens onvoldoende bewijs en verwijst naar een bodemprocedure.