ECLI:NL:RBARN:2005:AU6040
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.S.W. Kroon
- G.M. Roerink
- J.C.E. Ackermans-Wijn
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijk ontslag uit TBS-kliniek onder voorwaarden na beoordeling recidiverisico
Verzoeker verblijft sinds 1994 in de Pompekliniek, aanvankelijk op basis van TBS en sinds 1997 op grond van een rechterlijke machtiging volgens de Wet BOPZ. Na beëindiging van de TBS-maatregel blijft het recidiverisico hoog, waardoor een rechterlijke machtiging noodzakelijk blijft. Verzoeker vroeg om ontslag of voorwaardelijk ontslag, wat aanvankelijk werd afgewezen door de geneesheer-directeur.
Tijdens de zitting met gesloten deuren werd vastgesteld dat verzoeker een geestelijke stoornis heeft, te weten gefixeerde pedoseksualiteit, maar dat hij zich bewust is van zijn problematiek en zich houdt aan afspraken. Het controlesysteem functioneert goed en er zijn geen incidenten geweest. De officier van justitie adviseerde afwijzing vanwege het gevaar voor de samenleving.
De rechtbank oordeelde dat ondanks het hoge recidiverisico het gevaar beheersbaar is door voorwaarden en afspraken, mede omdat verzoeker de delicten alleen pleegt met minderjarigen die hij kent. Omdat verzoeker niet elders geplaatst kan worden en hij al veel vrijheid heeft, achtte de rechtbank voorwaardelijk ontslag onder voorwaarden passend.
De rechtbank stelde dat het behandelplan geactualiseerd moest worden en dat de voorwaarden gelijk moesten zijn aan die van het huidige verlof. Op 9 september 2005 verleende de rechtbank voorwaardelijk ontslag onder de voorwaarden van het geactualiseerde behandelplan, met behoud van de machtiging tot voortgezet verblijf.
De beslissing weerspiegelt een zorgvuldige afweging tussen het belang van de veiligheid en de rechten van verzoeker, waarbij een minder ingrijpende maatregel dan volledige opname passend werd geacht.
Uitkomst: De rechtbank verleent voorwaardelijk ontslag onder voorwaarden met behoud van de machtiging tot voortgezet verblijf.