ECLI:NL:RBARN:2005:AU9198
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geschil over gebrekkige levering en schade bij inspectieputten voor rioolproject
De zaak betreft een civiel geschil tussen Joosten Kunststoffen en Kok Lexmond over de levering van inspectieputten voor een rioolproject in Sliedrecht. Kok Lexmond stelt dat de putten niet voldoen aan het bestek omdat ze zijn vervaardigd uit LLDPE in plaats van het voorgeschreven HDPE, met gebrekkige lasverbindingen en te lange tussenstukken. Hierdoor zouden de putten vervormd en beschadigd zijn geraakt, wat schade heeft veroorzaakt.
Joosten Kunststoffen betwist de gebrekkigheid en verwijst naar deskundigenrapporten van TNO en Kiwa die stellen dat het materiaal en de lasnaden voldoende kwaliteit hebben. De rechtbank oordeelt dat nader onderzoek nodig is, bijvoorbeeld een getuigenverhoor of deskundigenonderzoek, omdat de rapporten en stellingen van partijen elkaar tegenspreken.
In het incident tot het treffen van een voorlopige voorziening op grond van artikel 223 Rv Pro wijst de rechtbank de gevraagde voorziening af omdat onvoldoende aannemelijk is dat het gevorderde bedrag toewijsbaar zal zijn. Ook de vordering tot oproeping van Plasti-Ned in vrijwaring wordt afgewezen wegens gebrek aan belang. De rechtbank beveelt partijen tot comparitie om nadere inlichtingen te verkrijgen en mogelijke minnelijke regeling te onderzoeken.
De rechtbank wijst partijen op de gevolgen van niet verschijnen bij comparitie en stelt nadere procedurele termijnen vast. Hoger beroep tegen dit vonnis is alleen mogelijk samen met het eindvonnis in de hoofdzaak. De kosten van het incident worden verdeeld tussen de partijen.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt afgewezen en partijen worden opgeroepen tot comparitie voor nadere behandeling.