ECLI:NL:RBARN:2005:AU9748
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- D. van Driel van Wageningen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot verwijderen muur die erfdienstbaarheid voet- en kruipad beperkt
Eiser woont naast gedaagde en maakt aanspraak op een erfdienstbaarheid van voet- en kruipad die een minimale breedte van 1,535 meter moet hebben. Gedaagde heeft een heg verwijderd en daarvoor een muur geplaatst die het pad versmalt tot 1,37 meter, wat volgens eiser de uitoefening van de erfdienstbaarheid belemmert.
De rechtbank stelt vast dat in eerdere transportakten en een overeenkomst uit 1985 afspraken zijn gemaakt over het onderhoud en de minimale afstand van de haag tot het pad, wat de breedte van het pad bepaalt. Gedaagde heeft de muur te dicht bij het pad geplaatst, waardoor de minimale breedte niet wordt gerespecteerd.
De rechtbank verklaart voor recht dat de breedte van het voet- en kruipad ten minste 1,535 meter bedraagt en veroordeelt gedaagde hoofdelijk om de muur te verwijderen en de vrije doorgang te herstellen, met een dwangsom en kostenveroordeling. Het meer en anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot het verwijderen van de muur en het respecteren van de erfdienstbaarheid met een dwangsom en kostenveroordeling.