ECLI:NL:RBARN:2005:AV0606
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G. Noordraven
- Rechtspraak.nl
Onvoldoende bewijs brandstichting; Bovemij moet schade vergoeden
De rechtbank Arnhem heeft in een civiele procedure geoordeeld over een brand die op 22 februari 1997 in het pand van eiser sub 1 is ontstaan. Hoewel eerder was aangenomen dat de brand door brandstichting was veroorzaakt en eiser sub 2 hierbij betrokken was, heeft de rechtbank na uitgebreid onderzoek en getuigenverhoren geconcludeerd dat dit niet overtuigend vaststaat.
Diverse deskundigen en getuigen hebben verklaringen afgelegd die wijzen op een mogelijke technische oorzaak van de brand, zoals een gaslek bij de cv-ketels boven de spuitcabines. De rechtbank heeft ook twijfels geuit over het bewijs van brandstichting, waaronder de aanwezigheid van vluchtige brandbare stoffen en het aantal brandhaarden. Daarnaast zijn eerdere aanwijzingen voor betrokkenheid van eiser sub 2, zoals zijn gedrag tijdens een personeelsvergadering en financiële motieven, weerlegd.
De rechtbank heeft daarom het beroep van Bovemij op uitsluiting van uitkering wegens brandstichting verworpen en geoordeeld dat Bovemij de schade aan eiser sub 1 en de andere eisers moet vergoeden. Tevens is vastgesteld dat Bovemij geen bewijs heeft geleverd voor een eerdere brand in 1993 die aan eiser sub 2 kan worden toegerekend, zodat die vordering is afgewezen. Hoger beroep tegen dit vonnis is uitgesloten.
Uitkomst: Bovemij moet de schade vergoeden omdat onvoldoende bewijs is voor brandstichting door eiser sub 2.