ECLI:NL:RBARN:2006:AV5364
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid vordering verklaring voor recht wegens verjaring medische aansprakelijkheid huisarts
Eiseres heeft zich in 1992 met klachten tot haar huisarts en diens waarnemer gewend. In september 1992 werd een tumor vastgesteld die een dwarslaesie veroorzaakte, welke bij eerdere diagnose voorkomen had kunnen worden. Na deskundigenrapporten en een eerdere procedure tegen de waarnemer, die in hoger beroep werd vrijgesproken, stelde eiseres in 2002 haar huisarts aansprakelijk. De huisarts stelde zich op het standpunt dat de vordering verjaard was.
Eiseres vorderde in kort geding een verklaring voor recht dat haar vordering niet verjaard was en dat de huisarts zich niet op verjaring kon beroepen. De voorzieningenrechter oordeelde dat een verklaring voor recht in kort geding geen bindende kracht kan hebben en daarom niet tot de bevoegdheid van de rechter behoort. Hierdoor werd eiseres niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering.
Eiseres werd veroordeeld in de proceskosten, welke aan de zijde van de huisarts werden begroot op €771. Het vonnis werd gewezen door mr. J.D.A. den Tonkelaar en op 17 januari 2006 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Eiseres wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tot verklaring voor recht en veroordeeld in de proceskosten.