ECLI:NL:RBARN:2006:AW7233
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geschil over opdracht, uitvoering en prijs van werkzaamheden en huurovereenkomst na erfpacht
In deze civiele zaak staat een geschil centraal tussen de stichting De Waalboog en meerdere gedaagden over de omvang van een opdracht aan Innovan, de uitvoering van werkzaamheden en de prijs daarvan. Tevens is er discussie over de waarde van opstallen op een perceel en de vraag of er een huurovereenkomst bestaat tussen partijen.
De rechtbank heeft bepaald dat de waarde van het perceel wordt vastgesteld op basis van de vrije marktwaarde minus de waarde van de ondergrond. Drie bindend adviseurs zijn benoemd om de waarde van de opstallen vast te stellen, waardoor de rechtbank op dat punt geen verdere taak heeft. Verder is geoordeeld dat er geen huurovereenkomst bestaat tussen [gedaagde 1] en de vennootschap onder firma.
De vorderingen tot ontruiming en schadevergoeding zijn afgewezen vanwege het retentierecht van [gedaagde 1] op grond van artikel 5:100 BW Pro. De rechtbank wijst ook de meeste reconventionele vorderingen af, waaronder verklaringen voor recht en proceskostenveroordelingen, met uitzondering van de vordering van [gedaagde 4] die op grond van een huurovereenkomst gerechtigd is het garagegedeelte van het perceel te gebruiken. De stichting De Waalboog wordt veroordeeld in de proceskosten van zowel conventie als reconventie.
Uitkomst: De rechtbank wijst de meeste vorderingen af, bevestigt het retentierecht en het ontbreken van een huurovereenkomst, en veroordeelt partijen in de proceskosten.