ECLI:NL:RBARN:2006:AX1994
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over inzage en kopie bijstandsdossier op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens
Eiseres verzocht op grond van artikel 35 van Pro de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) om een kopie van haar fysieke bijstandsdossier bij de gemeente Renkum. Het college stelde haar slechts in de gelegenheid het dossier ter inzage te leggen vanwege de omvang van het dossier, wat eiseres betwistte. De rechtbank overweegt dat artikel 35 Wbp Pro vereist dat verzoeken schriftelijk worden ingewilligd, inclusief het verstrekken van kopieën, tenzij een uitzondering op grond van artikel 43 Wbp Pro geldt.
Het college voerde aan dat het kopiëren van het dossier disproportionele administratieve lasten met zich mee zou brengen, maar kon dit niet voldoende onderbouwen. De rechtbank stelde vast dat het dossier uit zeven ordners bestaat en dat de bewerkelijkheid van kopiëren niet zodanig is dat het college zich op artikel 43 Wbp Pro kan beroepen. Tevens is het belang van eiseres bij een kopie groot, mede vanwege haar recht op inzage en correctie van persoonsgegevens.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit van 6 juli 2005 en bepaalde dat het college binnen zes weken een nieuw besluit moet nemen waarbij een kopie van het dossier of een inventarislijst wordt verstrekt. Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard omdat eiseres geen belang meer had bij inhoudelijke beoordeling daarvan. Daarnaast werd het betaalde griffierecht aan eiseres vergoed.
Uitkomst: Het college wordt verplicht binnen zes weken een nieuw besluit te nemen en een kopie van het bijstandsdossier te verstrekken.