ECLI:NL:RBARN:2006:AY3795
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaard beroep tegen WOZ-waarde woning vastgesteld op €420.843
Eiser betwistte de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning per peildatum 1 januari 2003, gesteld op €420.843. Verweerder baseerde deze waarde op een taxatierapport waarbij vier vergelijkingsobjecten werden gebruikt, rekening houdend met factoren als type, ligging, inhoud en bouwjaar.
De rechtbank oordeelde dat de gemiddelde waardestijging in de regio niet doorslaggevend is voor de individuele waardeontwikkeling. De inhoud van de woning is vastgesteld op 548 m³ volgens de NEN 2580-norm, hetgeen aannemelijk is en niet in strijd met de goede procesorde, ondanks dat de inhoudsberekening pas ter zitting werd overgelegd.
Verder is geen waardedruk vastgesteld door de ligging nabij een vuilverbranding en waterzuiveringsinstallatie, omdat de taxateur dit niet als waardedrukkend beoordeelde en eiser onvoldoende concrete aanwijzingen gaf. De door eiser voorgestelde lagere waarde op basis van een lagere kubieke meterprijs werd verworpen omdat de WOZ-waarde wordt bepaald aan de hand van verkoopprijzen van vergelijkbare objecten.
De rechtbank concludeerde dat verweerder voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de vastgestelde waarde niet te hoog is en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €420.843 wordt ongegrond verklaard.