ECLI:NL:RBARN:2006:AY4522
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor valsheid in geschrifte door misbruik leidinggevende positie bij effectenorders
De rechtbank Arnhem heeft verdachte veroordeeld voor het willens en wetens plegen van valsheid in geschrifte met betrekking tot effectenorders die door een medeverdachte waren geplaatst. Verdachte heeft in de periode van april 2000 tot juli 2001 meerdere valselijke aanvragen tot overboeking en uitlevering van effecten opgemaakt en gebruikt, waarbij hij bewust onjuiste koersgegevens en data vermeldde om de geschriften als echt te doen voorkomen.
Tijdens de terechtzitting op 6 juli 2006 verscheen verdachte niet, waarna verstek werd verleend. De rechtbank achtte het bewezen dat verdachte, in een verantwoordelijke positie als hoofd bij een effectenbedrijf, op grove wijze misbruik heeft gemaakt van zijn functie door valsheid in geschrifte te plegen en daarmee de integriteit van de financiële sector heeft geschaad.
De rechtbank overwoog dat het voorwaardelijke deel van de straf bedoeld is om herhaling te voorkomen, vooral gezien de adviserende rol van verdachte. De strafmaat is bepaald op 12 maanden gevangenisstraf, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De tijd in voorlopige hechtenis wordt in mindering gebracht.
De rechtbank verwierp de stelling van verdachte dat hij onder druk van een medeverdachte handelde en concludeerde dat verdachte primair verantwoordelijk is voor de fraude, ook omdat hij collega’s heeft misleid. De straf weerspiegelt de ernst van het misbruik van vertrouwen binnen de financiële sector.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 12 maanden gevangenisstraf, waarvan 4 maanden voorwaardelijk, wegens valsheid in geschrifte met betrekking tot effectenorders.