ECLI:NL:RBARN:2006:AY4945
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding koopovereenkomst vrachtwagen wegens niet-nakoming leveringsverplichting
Op 19 februari 2005 verkocht [gedaagde] een vrachtwagen aan [eiser] voor €18.000, waarbij een aanbetaling van €1.000 werd gedaan. Partijen verschillen van mening over de betalingstermijn en levering. [Eiser] stelt dat de vrachtwagen in de eerste week van april 2005 zou worden afgenomen, terwijl [gedaagde] een termijn van één à twee weken na de koop hanteert.
Op 5 april 2005 kwam [eiser] om te betalen en de vrachtwagen mee te nemen, maar kreeg deze niet mee omdat hij niet voldoende geld bij zich had. [Gedaagde] weigerde uitstel en zag van de verkoop af, waarna de vrachtwagen aan een ander werd verkocht. De rechtbank stelt dat een mondelinge ontbinding onvoldoende is en dat een schriftelijke verklaring vereist is volgens art. 6:267 lid 1 BW Pro.
Omdat deze schriftelijke ontbinding ontbrak, bleef [gedaagde] gehouden tot levering en was zij in verzuim na sommatie door de advocaat van [eiser]. De rechtbank wijst de vordering tot ontbinding toe en acht de schadevergoeding in beginsel toewijsbaar, maar gelast [eiser] bewijs te leveren van de hoogte van de schade van €12.000.
De zaak wordt aangehouden voor bewijslevering en getuigenverhoor, waarbij strikte termijnen en procedures worden vastgesteld. Het vonnis is gewezen door mr. F.J. de Vries en uitgesproken op 28 juni 2006.
Uitkomst: De rechtbank wijst de ontbinding van de koopovereenkomst toe en gelast bewijslevering over de schadevergoeding.