ECLI:NL:RBARN:2006:AY4953
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Curator kan na termijnstelling tweede hypotheekhouder executoriale verkoop staken
In deze zaak staat centraal wat de termijnstelling door de curator op grond van artikel 58 lid 1 Faillissementswet Pro betekent. De curator had aan de tweede hypotheekhouder een termijn van één maand gesteld om haar rechten als separatist uit te oefenen, waaronder de verkoop van een onroerende zaak die tot de faillissementsboedel behoort.
De tweede hypotheekhouder had na deze termijn niet tot verkoop van het pand overgegaan, waarna de curator de executoriale verkoop wilde laten staken. De tweede hypotheekhouder en haar raadsman voerden aan dat binnen de termijn slechts een aanvang met de executie moest zijn gemaakt, niet de volledige verkoop.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de termijn een eindtermijn is waarbinnen de volledige uitoefening van de rechten moet plaatsvinden, inclusief verkoop. Omdat de tweede hypotheekhouder niet tot verkoop was overgegaan, kon de curator de onroerende zaak opeisen en de verkoop laten staken. Ook werd geoordeeld dat de wijze van bekendmaking van de veiling via een website niet onrechtmatig was en dat de notaris niet verplicht is mee te werken tegen dwingend recht in.
De rechtbank veroordeelde de tweede hypotheekhouder en haar raadsman tot staking van de verkoop en tot betaling van een dwangsom bij overtreding, en wees de proceskosten toe aan de curator.
Uitkomst: De rechtbank beveelt staking van de executoriale verkoop door de tweede hypotheekhouder na het verstrijken van de gestelde termijn.