ECLI:NL:RBARN:2006:AZ4024
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevel tot deskundigenonderzoek en comparitie in geschil over bouwschade en sloopwerkzaamheden
In deze civiele procedure tussen Bouw- en Exploitatiemaatschappij 't Laaksche Hoogh B.V. als eiseres en twee besloten vennootschappen als gedaagden, staat een geschil centraal over vermeende schade aan een kantoorpand veroorzaakt door sloopwerkzaamheden.
De rechtbank Arnhem beveelt een deskundigenonderzoek om vast te stellen of de schade nog aanwezig is, of deze kan worden toegeschreven aan de sloopwerkzaamheden, en welke herstelmethoden en kosten daaraan verbonden zijn. Tevens wordt onderzocht of trillingen door de sloopwerkzaamheden de constructie van het pand hebben beïnvloed.
Gedaagde sub 2 heeft niet voldaan aan de bewijsaandraagplicht zoals voorgeschreven in artikel 128, vijfde lid, van het Wetboek van burgerlijke rechtsvordering, en wordt daarom bevolen schriftelijk mededeling te doen van haar bewijsmiddelen en getuigen.
De rechtbank stelt een comparitie van partijen in op een locatie bij het pand, waarbij partijen worden verzocht stukken tijdig aan te leveren en zich te laten vertegenwoordigen door bevoegde personen. Tevens wordt een voorschot op de kosten van de deskundige vastgesteld en geregeld.
Het vonnis is gewezen door rechter-plaatsvervanger mr. J.J.H. van Laethem en op 11 oktober 2006 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De rechtbank beveelt een deskundigenonderzoek en stelt een comparitie in, waarbij gedaagde sub 2 wordt gemaand tot bewijslevering.