ECLI:NL:RBARN:2006:AZ4142
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verklaring voor recht einde arbeidsovereenkomst en beoordeling vorderingen werknemer
De arbeidsovereenkomst tussen [werkgeefster] en [werknemer] is opgezegd per 1 oktober 2005 met inachtneming van een opzegtermijn van drie maanden. [Werkgeefster] exploiteerde een onderneming die in juni 2005 werd gestaakt na het wegvallen van de grootste klant. [Werknemer], een Britse nationaliteit hebbende general manager, betwistte de rechtsgeldigheid van de opzegging en vorderde onder meer doorbetaling van salaris, vakantietoeslag, autokostenvergoeding, bonussen en vergoeding voor niet-genoten vakantiedagen.
De kantonrechter oordeelde dat het Besluit Werkingssfeer Arbeidsverhoudingen (BBA) niet van toepassing is omdat [werknemer] niet terugvalt op de Nederlandse arbeidsmarkt na ontslag, mede gelet op zijn buitenlandse nationaliteit, het ontbreken van een officiële vestiging in Nederland en het zoeken van werk in het buitenland. De arbeidsovereenkomst is derhalve rechtsgeldig geëindigd per 30 september 2005. De vorderingen van [werknemer] voor de periode na deze datum worden afgewezen.
Met betrekking tot de autokostenvergoeding oordeelde de rechter dat deze slechts geldt voor daadwerkelijk gemaakte kosten en niet voor perioden zonder werkzaamheden. De overige vorderingen, waaronder bonussen en vakantiedagen, worden aangehouden totdat [werkgeefster] relevante administratieve stukken heeft overgelegd, waarna [werknemer] de gelegenheid krijgt te reageren.
De kantonrechter veroordeelde [werknemer] in de proceskosten en wees het verzoek tot uitvoerbaarverklaring bij voorraad af vanwege het declaratoire karakter van de uitspraak.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst is rechtsgeldig geëindigd per 30 september 2005 en de meeste vorderingen van de werknemer worden afgewezen.