ECLI:NL:RBARN:2006:BD7482
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.H.M. Delnooz-Engels
- Rechtspraak.nl
Oplegging vergrijpboete voor verzwegen buitenlandse rente-inkomsten is terecht
De zaak betreft een beroep tegen navorderingsaanslagen en vergrijpboetes opgelegd door de Belastingdienst voor niet opgegeven rente-inkomsten uit pandbrieven op een Duitse bankrekening over de jaren 1994 tot en met 2000.
De rechtbank stelt vast dat eiser rente-inkomsten heeft genoten die behoren tot het inkomen uit vermogen en dat deze niet zijn opgegeven. De gehanteerde wisselkoers en de berekening van de rente-inkomsten worden door de rechtbank bevestigd, met aftrek van bankkosten. Eiser heeft onvoldoende bewijs geleverd voor aftrekposten zoals hypotheekrente, ziektekosten en giften.
Verweerder heeft gesteld dat sprake is van opzet of grove schuld. De rechtbank oordeelt dat opzet niet aannemelijk is, mede omdat eiser niet bekend was met de fiscale regels en een teruggetrokken leven leidde. Wel is sprake van grove schuld omdat eiser na berichtgeving over buitenlandse banktegoeden geen informatie heeft ingewonnen. Daarom worden de boetes beperkt tot 25% van de nagevorderde belasting.
De rechtbank vernietigt de eerdere uitspraak op bezwaar, vermindert de navorderingsaanslagen en boetes conform haar oordeel en gelast vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: De navorderingsaanslagen en vergrijpboetes zijn terecht opgelegd, maar de boetes worden beperkt tot 25% van de nagevorderde belasting wegens grove schuld.