ECLI:NL:RBARN:2007:AZ7303

Rechtbank Arnhem

Datum uitspraak
17 januari 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
150865
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot faillietverklaring wegens gebrek aan redelijk belang

De rechtbank Arnhem heeft op 17 januari 2007 het verzoek tot faillietverklaring van verzoeker behandeld. Verzoeker ontvangt een klein inkomen uit een WAO-uitkering en is volledig arbeidsongeschikt zonder uitzicht op verbetering. Tevens beschikt verzoeker over geen vermogen dat ten goede kan komen aan schuldeisers.

Gezien deze omstandigheden concludeert de rechtbank dat er geen redelijk belang bestaat bij het uitspreken van faillissement. Het verzoek is daarom afgewezen.

De beslissing is genomen na zorgvuldige beoordeling van de verklaringen van verzoeker en de toepasselijke wettelijke criteria voor faillietverklaring. De rechtbank acht het belang van schuldeisers onvoldoende gediend door het faillissement.

De beschikking is uitgesproken door rechter mr. J.R. Veerman en bevestigd door de griffier.

Uitkomst: Het verzoek tot faillietverklaring is afgewezen wegens het ontbreken van een redelijk belang.

Uitspraak

Rechtbank Arnhem
Sector civiel recht
Zaak-/rekestnummer: 150865/FT-EA 07.2 /nd
datum beschikking: 17 januari 2007
Beschikking
op aangehechte aangifte tot faillietverklaring van
[verzoeker] geboren op [datum] te [woonplaats], wonende te [postcode] [woonplaats], de [adres],
nader te noemen: verzoeker.
De gang van zaken
De rechtbank heeft kennis genomen van de aangifte strekkende tot faillietverklaring van [verzoeker]. Het verzoek is ter zitting van 17 januari 2007 behandeld.
De beoordeling
Het is de rechtbank uit de verklaringen van verzoeker gebleken dat verzoeker een klein inkomen uit een WAO-uitkering heeft. Verzoeker is volledig arbeidsongeschikt en er bestaat geen uitzicht dat hierin verandering zal komen.
Verder is het de rechtbank uit een verklaring van verzoeker gebleken dat hij in het geheel geen vermogen heeft wat ten goede zou kunnen komen aan zijn schuldeisers. Gelet hierop is er geen redelijk belang bij een faillissement gediend.
De rechtbank is daarom van oordeel dat het verzoek moet worden afgewezen.
De beslissing
De rechtbank:
wijst het verzoek af.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.R. Veerman en uitgesproken op 17 januari 2007.
de griffier de rechter