ECLI:NL:RBARN:2007:AZ9944
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.G. Smedema
- G. Perrick
- J.B.J. Driessen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling vader voor herhaald seksueel misbruik van minderjarige zoon
Verdachte heeft tussen mei 2004 en november 2005 herhaaldelijk seksuele handelingen verricht met zijn minderjarige zoon, waaronder het seksueel binnendringen van het lichaam. Ondanks wisselende verklaringen acht de rechtbank de bekennende verklaringen van verdachte betrouwbaar en voldoende bewezen.
Diverse verklaringen van familieleden, een leerkracht en een vriendin van de moeder van het slachtoffer, alsmede het studioverhoor van het slachtoffer, ondersteunen de bewezenverklaring. Psychiatrisch en psychologisch onderzoek door het Pieter Baan Centrum concludeert dat verdachte ten tijde van de feiten weliswaar beperkt in zijn geestvermogens was, maar wel strafbaar is.
De rechtbank houdt rekening met de ernst van het feit, de persoonlijke omstandigheden van verdachte, en het beperkte verband tussen zijn stoornis en het gepleegde feit. Daarom wordt een deels voorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd van vier jaar, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.
Daarnaast wordt verdachte veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van €5.231,07 aan het slachtoffer, met een schadevergoedingsmaatregel die bij niet-betaling kan worden vervangen door 56 dagen hechtenis.
De rechtbank spreekt verdachte vrij van een tweede tenlastelegging wegens onvoldoende bewijs.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf, waarvan zes maanden voorwaardelijk, en betaling van schadevergoeding aan het slachtoffer.