ECLI:NL:RBARN:2007:BA3428
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding wegens ontbreken rechtstreeks causaal verband met Betuweroute
Eiser, een grondverzetbedrijf, vordert schadevergoeding omdat hij door de aanleg van de Betuweroute een nieuwe tractor moest aanschaffen om een steil viaduct met scherpe bocht te kunnen passeren. Verweerder wees het verzoek af wegens kennelijke ongegrondheid, waarna het bezwaar werd gehandhaafd met een aanvullende motivering.
De rechtbank overweegt dat op grond van de Regeling Nadeelcompensatie Betuweroute alleen vergoeding kan worden toegekend indien er een rechtstreeks causaal verband bestaat tussen de schade en het Tracébesluit Betuweroute of hieruit voortvloeiende besluiten en uitvoeringshandelingen. De rechtbank stelt vast dat hoewel er een verband is tussen de aanleg van het viaduct en de aanschaf van de tractor, dit verband niet rechtstreeks is.
De rechtbank gaat ervan uit dat het viaduct voldoet aan de geldende CROW- en RONA-richtlijnen, tenzij concrete aanwijzingen het tegendeel bewijzen. De enkele stelling van eiser en foto’s zijn onvoldoende om dit te betwijfelen. De schade vloeit voort uit het feit dat de oude tractor ongeschikt was voor wegen die aan de normen voldoen, en deze ongeschiktheid is niet veroorzaakt door de aanleg van het viaduct maar slechts zichtbaar geworden.
De rechtbank oordeelt dat het verzoek terecht als kennelijk ongegrond is afgewezen en dat de schadecommissie niet betrokken hoeft te worden bij de beoordeling van het causaal verband. Het beroep wordt dan ook ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens ontbreken van rechtstreeks causaal verband tussen schade en Betuweroute.