ECLI:NL:RBARN:2007:BA4769
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing vergoeding geneesmiddel Revlimid bij zeldzame ziekte
De zaak betreft een beroep tegen het besluit van VGZ Zorgverzekeraar tot afwijzing van vergoeding van het geneesmiddel Revlimid, voorgeschreven aan [X] die leed aan multipel myeloom van het recidief/refractair type. Dit geneesmiddel was niet geregistreerd en de verzekeraar stelde dat de ziekte niet zeldzaam genoeg was voor vergoeding.
Na het overlijden van [X] zette zijn echtgenote het beroep voort. De rechtbank overwoog dat het subtype van de ziekte, dat slechts bij circa 50 tot 70 patiënten in Nederland voorkomt, wel degelijk onder de definitie van een zeldzame ziekte valt zoals gehanteerd door het College voor zorgverzekeringen (minder dan 1 op 200.000 inwoners). Verweerder had ten onrechte het beroep afgewezen op basis van een bredere classificatie.
De rechtbank oordeelde dat de uitzonderingsbepaling voor zeldzame ziekten in het Verstrekkingenbesluit van toepassing is en dat verweerder het besluit moest heroverwegen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van de uitspraak.