ECLI:NL:RBARN:2007:BA5471
Rechtbank Arnhem
- Voorlopige voorziening
- C. van Linschoten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen bouwvergunning voor bedrijfshal met bezwaren over lichtschittering en welstand
Verzoeker maakte bezwaar tegen de bouwvergunning voor een bedrijfshal met kantoorgedeelte en bovenwoning, verleend door het college van burgemeester en wethouders van Maasdriel. Het bezwaar richtte zich op de gevreesde hinder door lichtschittering van de gevelbeplating en de esthetische inpassing in de omgeving.
De voorzieningenrechter overwoog dat de lichtschittering niet valt onder de toetsing van redelijke eisen van welstand, maar een hinderaspect betreft dat civielrechtelijk moet worden beoordeeld. Ook werd vastgesteld dat het bouwplan zonder vrijstelling al gerealiseerd kon worden, waardoor de vrijstelling geen extra nadeel oplevert. Wel had de gemeente de zienswijze van verzoeker moeten betrekken, maar dit was geen reden voor voorlopige schorsing.
Ten aanzien van het welstandsadvies werd geoordeeld dat het advies in de schetsfase was gegeven en niet de bouwaanvraag zelf had beoordeeld, wat in strijd is met de Woningwet. Het advies was een stempeladvies zonder nadere motivering, waardoor het niet zonder meer aan het besluit kon worden ten grondslag gelegd. Desondanks was het niet aannemelijk dat de gemeente het welstandsoordeel niet alsnog zou motiveren bij bezwaar.
Het verzoek tot voorlopige voorziening werd daarom afgewezen, maar de gemeente werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht van verzoeker.
Uitkomst: Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening tegen de bouwvergunning wordt afgewezen.