Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBARN:2007:BA9006

Rechtbank Arnhem

Datum uitspraak
27 juni 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
AWB 05/5392
Instantie
Rechtbank Arnhem
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:2 AwbArt. 6:13 AwbArt. 6:24 AwbArt. 8:26 AwbArt. 8:74 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid eiseres wegens ontbreken belang bij speelautomatenhal vergunning

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen een bouwvergunning met vrijstelling die aan Amutron B.V. is verleend voor een speelautomatenhal in Culemborg. Eiseres wil zelf een speelautomatenhal exploiteren elders in dezelfde gemeente, maar de gemeentelijke Verordening Speelautomatenhallen staat slechts één vergunning toe.

De rechtbank beoordeelt eerst of eiseres als belanghebbende kan worden aangemerkt. Gezien het feit dat er al een vergunninghouder is en eiseres geen ander eigen en rechtstreeks belang heeft bij het besluit, oordeelt de rechtbank dat zij geen belanghebbende is. Het feit dat eiseres een speelautomaat verhuurt aan een snackbar in de buurt wordt als onvoldoende relevant beschouwd.

Daarom verklaart de rechtbank het bezwaar van eiseres niet-ontvankelijk en vernietigt het bestreden besluit. Tevens wordt het door eiseres betaalde griffierecht vergoed. De uitspraak benadrukt het belang van het eigen en rechtstreeks belang bij bestuursrechtelijke procedures.

Uitkomst: Het bezwaar van eiseres wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van een eigen en rechtstreeks belang.

Uitspraak

RECHTBANK ARNHEM
Sector bestuursrecht
Registratienummer: AWB05/5392
Uitspraak ingevolge artikel 8:77 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in het geding tussen:
Lanaut Automaten B.V., eiseres,
gevestigd te 's-Hertogenbosch, vertegenwoordigd door mr.drs. A.H.M. Smits,
en
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Culemborg, verweerder, vertegenwoordigd door mr. M.J. de Groot,
alsmede
Amutron B.V. partij ex artikel 8:26 van Pro de Awb,
te Waalwijk, vertegenwoordigd door mr. J.L. Vissers.
1. Aanduiding bestreden besluit
Besluit van verweerder van 15 november 2005.
2. Procesverloop
Bij besluit van 11 december 2003 heeft verweerder aan Amutron B.V. een bouwvergunning met vrijstelling verleend voor het realiseren van een amusementscenter aan de Prijssestraat 33 te Culemborg.
Bij het in rubriek 1 aangeduide besluit heeft verweerder de ingediende bezwaren gegrond verklaard, en de bestreden besluiten onder aanvulling van de motivering gehandhaafd.
Tegen dit besluit is beroep ingesteld en door verweerder is een verweerschrift ingediend. Naar deze en de overige door partijen ingebrachte stukken wordt hier kortheidshalve verwezen.
Bij schrijven van 16 februari 2006 heeft Amutron B.V. zich gesteld als partij in het geding.
Het beroep is behandeld ter zitting van de rechtbank van 25 april 2007. Eiseres is aldaar vertegenwoordigd door mr. drs. A.H.M. Smits en W.A. de Lange. Verweerder heeft zich doen vertegenwoordigen door mr. M.J. de Groot, Ir. M. Blom en T.A. Brouwer. De partij ex artikel 8:26 van Pro de Awb is vertegenwoordigd door mr. J.L. Vissers, F. Witlox en
C.L. Schuurmans.
3. Overwegingen
Aan de inhoudelijke beoordeling van het geschil gaat vooraf de ambtshalve door de rechtbank te beantwoorden vraag vraag of eiseres in deze procedure kan worden gezien als belanghebbende in de zin van artikel 1:2, eerste lid, van de Awb.
In de gemeente Culemborg is van toepassing de Verordening Speelautomatenhallen. Artikel 2, tweede lid, van deze verordening bepaalt dat de burgemeester voor maximaal een speelautomatenhal vergunning kan verlenen.
Niet in geschil is dat ten tijde van het bestreden besluit door de burgemeester van de gemeente Culemborg reeds een vergunning was verleend aan Amutron B.V. ten behoeve van een speelhal aan Prijssestraat 33. Vaststaat dat deze vergunning ten tijde van het bestreden besluit van kracht was. Van een evidente onjuistheid van deze vergunning op grond waarvan er aanleiding zou kunnen bestaan te twijfelen aan de rechtmatigheid van deze vergunning is de rechtbank niet gebleken.
Dit heeft tot gevolg dat, ongeacht de inhoud van het bestreden besluit en de uitkomst van deze procedure, er van moet worden uitgegaan dat eiseres in Culemborg niet in aanmerking komt voor het exploiteren van een speelautomatenhal. Nu, afgezien van de wens van eiseres tot deze vorm van exploitatie, de rechtbank niet is gebleken van enig ander eigen en rechtstreeks belang van eiseres bij het bestreden besluit, moet worden geoordeeld dat eiseres in deze procedure niet als belanghebbende kan worden aangemerkt.
De omstandigheid dat eiseres aan de uitbater van een nabij het pand Prijssestraat 33 gelegen snackbar een speelautomaat verhuurt, zoals eiseres ter zitting heeft verklaard, betreft een te ver verwijderd verband om eiseres als belanghebbende te beschouwen. Het gaat hier om een andersoortige zakelijke activiteit. Eiseres heeft in haar uitvoerige schriftelijke betogen in het verloop van de gehele procedure dit punt ook niet als een eigen relevant belang naar voren gebracht.
Op grond van het bovenstaande is de rechtbank van oordeel, dat het bestreden besluit, zij het op andere gronden dan door eiseres aangevoerd, niet kan worden gehandhaafd. Verweerder heeft eiseres ten onrechte ontvangen in haar bezwaar.
De rechtbank zal het bestreden besluit daarom vernietigen en het bezwaar van eiseres alsnog niet-ontvankelijk verklaren.
De rechtbank acht geen termen aanwezig over te gaan tot een proceskostenveroordeling als bedoeld in artikel 8:75 van Pro de Awb.
Het hiervoor overwogene leidt de rechtbank, mede gelet op artikel 8:74 van Pro de Awb, tot de volgende beslissing.
4. Beslissing
De rechtbank
verklaart het beroep gegrond;
vernietigt het bestreden besluit en verklaart het bezwaar alsnog niet-ontvankelijk,
bepaalt dat de gemeente Culemborg het door eiseres betaalde griffierecht ten bedrage van
€ 276,- aan haar vergoedt.
Aldus gegeven door mr. B.N. Crol als voorzitter, mrs.M. Groverman en M.J.P. Heijmans als rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.G.J. Litjens als griffier. Door de voorzitter in het openbaar uitgesproken op 27 juni 2007 in tegenwoordigheid van de griffier, voornoemd.
De griffier, De rechter,
Tegen deze uitspraak staat voor belanghebbenden, behoudens het bepaalde in artikel 6:24 juncto Pro 6:13 van de Awb, binnen 6 weken na de dag van verzending hiervan, hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA 's-Gravenhage.
Verzonden op: 27 juni 2007