ECLI:NL:RBARN:2007:BA9126
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Recht op gecombineerde heffingskorting bij keuze fiscaal partnerschap en vermindering verzuimboete
Eiser heeft bij de voorlopige teruggaaf over 2001 de keuze gemaakt voor fiscaal partnerschap met zijn partner, maar heeft de aangifte IB/PVV 2001 niet ingediend. Verweerder stelde dat door het ontbreken van een ondertekende aangifte geen fiscaal partnerschap is gekozen en legde een aanslag en verzuimboete op.
De rechtbank stelt vast dat de keuze voor fiscaal partnerschap bij de voorlopige teruggaaf rechtsgeldig is gemaakt en dat het ontbreken van eisers handtekening op de aangifte van zijn partner niet betekent dat de keuze is herzien. Hierdoor heeft eiser recht op de gecombineerde heffingskorting.
Ten aanzien van de verzuimboete oordeelt de rechtbank dat eiser niet kan vertrouwen op de mededeling op het voorlopige teruggaafformulier dat geen aangifte nodig is bij onveranderde situatie. Het niet indienen van de aangifte vormt een verzuim waarvoor een boete kan worden opgelegd. Echter, op grond van een arrest van de Hoge Raad telt alleen het aantal verzuimen mee waarvoor een boete is opgelegd. Hierdoor wordt de boete verminderd van €567 naar €68.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt de uitspraak op bezwaar en vermindert zowel de aanslag als de boete. Tevens wordt het betaalde griffierecht aan eiser vergoed.
Uitkomst: Eiser krijgt recht op de gecombineerde heffingskorting en de verzuimboete wordt verminderd tot €68.