ECLI:NL:RBARN:2007:BA9600
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- N.W. Huijgen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling zorgplicht en causale relevantie bij Flexbeleg-overeenkomsten
De rechtbank Arnhem heeft in deze zaak geoordeeld dat Ohra onrechtmatig heeft gehandeld door haar zorgplicht te schenden met betrekking tot het 'ken uw klant' beginsel en de verstrekte informatie over de Flexbeleg-overeenkomst. Dit betekent dat Ohra tekort is geschoten in haar verplichtingen tegenover de eisers.
De rechtbank benadrukt dat de concrete causale relevantie van deze schending per individuele eiser moet worden vastgesteld. Dit houdt in dat per geval moet worden bekeken of de inkomens- en vermogenspositie van de eiser toereikend was om de lening aan te gaan en of de eiser voldoende financieel inzicht had om de risico's te begrijpen. Daarnaast moet worden beoordeeld hoe de overeenkomst is uitgevoerd, welke fondsen gekozen zijn, en of de eiser redelijkerwijs tussentijds had moeten ingrijpen.
De rechtbank geeft voorbeelden van verschillende situaties van eisers, waaronder een arts met beperkt inzicht in de risico's, eisers die meerdere contracten afsloten ondanks brochurebeperkingen, en een financieel adviseur die zelf werkzaam was bij Ohra. De rechtbank stelt dat onvoldoende feitelijke informatie is aangeleverd en dat daarom per eiser een comparitie zal worden gelast om aanvullende gegevens te verkrijgen.
Verder bepaalt de rechtbank de procedure voor deze comparities, met een voorstel voor tijdsindeling en de verplichting voor eisers om bewijsstukken van hun financiële situatie te overleggen. Ook wordt de mogelijkheid van mediation genoemd. Het vonnis sluit met de mededeling dat hoger beroep tegen dit tussenvonnis en het eerdere tussenvonnis van 6 december 2006 is toegestaan.
Uitkomst: De rechtbank wijst comparities aan voor individuele beoordeling van causale relevantie en schade, en houdt verdere beslissing aan.