ECLI:NL:RBARN:2007:BB0146
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geschil over informatieplicht en pensioenwaarde bij pensioenverzekering
Eiser sloot in 1981 een pensioenverzekering af bij Zwitserleven met een winstdelingsregeling en een pensioenuitkering die afhankelijk was van rentestanden. In 1990 werd de verzekering aangepast in verband met arbeidsongeschiktheid, waarbij wijziging van de verzekering tijdens arbeidsongeschiktheid niet mogelijk was. Eiser vroeg in 1999 en 2004 bij dBa, zijn adviseur, naar de waarde van zijn pensioenverzekering, maar kreeg geen volledige informatie over de gevolgen van rentestanden voor het pensioen.
Eiser vordert betaling van een jaarlijks pensioenbedrag en schadevergoeding, stellende dat dBa tekort is geschoten in haar informatieplicht en hem niet tijdig heeft geïnformeerd over de waarde van zijn pensioen. dBa voert verweer dat zij niet verplicht was om over rentefluctuaties te informeren en dat de lijfrentetarieven niet gegarandeerd waren.
De rechtbank oordeelt dat eiser bekend was met de onzekerheid over rentestanden en dat dBa niet verplicht was om hem continu te informeren over rentewijzigingen. Wel had dBa concrete vragen duidelijk moeten beantwoorden, wat deels niet is gebeurd. De rechtbank wijst erop dat schade alleen kan worden toegewezen als tekortkoming ook tot schade heeft geleid. Over het moment van pensioeninkoop (1 januari 2006 versus 8 maart 2006) wordt geoordeeld dat de polisdatum leidend is en geen verwijt aan dBa kan worden gemaakt.
De rechtbank geeft eiser de gelegenheid om nadere akte te nemen over de vermeende tekortkomingen en schade, en houdt verdere beslissing aan.
Uitkomst: De rechtbank houdt de zaak aan voor nadere toelichting van eiser over vermeende tekortkomingen en schade.