ECLI:NL:RBARN:2007:BB4230
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2001 wegens ontbreken nieuw feit
Eiseres, alleenstaande moeder van vier kinderen, kreeg voor het jaar 2001 een navorderingsaanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen opgelegd door verweerder. Deze aanslag werd opgelegd na het verstrijken van de aanslagtermijn en verweerder stelde dat sprake was van een nieuw feit dat navordering rechtvaardigde, namelijk het bereiken van de leeftijd van 27 jaar door de jongste zoon en het vervallen van de invorderingsvrijstelling door wetswijzigingen.
De rechtbank oordeelt dat de belastingdienst tijdens de aanslagtermijn bekend was of redelijkerwijs bekend had kunnen zijn met deze feiten. De verhuizing en leeftijd van de jongste zoon waren bekend, evenals de alimentatiegegevens van eiseres. De brief van de belastingdienst uit 1999 waarin werd medegedeeld dat geen aangifte meer hoefde te worden gedaan, heeft ertoe geleid dat eiseres geen aangifte heeft gedaan, maar dit kan haar niet worden verweten.
De rechtbank concludeert dat het vervallen van de alleenstaande-ouderaftrek en de invorderingsvrijstelling geen nieuw feit opleveren in de zin van de wet. Verweerder had deze wijzigingen moeten meenemen in zijn beoordeling binnen de wettelijke termijnen. Er is sprake van ambtelijk verzuim en geen kwade trouw van eiseres. Daarom wordt de navorderingsaanslag vernietigd en worden de proceskosten aan eiseres toegekend.
Uitkomst: De navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2001 wordt vernietigd wegens het ontbreken van een nieuw feit.