ECLI:NL:RBARN:2007:BB7909
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- N.W. Huijgen
- M.J. Blaisse
- T.P.E.E. van Groeningen
- Rechtspraak.nl
Vordering tot schadevergoeding wegens onrechtmatig inroepen bankgarantie door RCP
De zaak betreft een geschil tussen Neo Holding, PMR en Ravestein Container Pontoon B.V. (RCP) over het onrechtmatig inroepen van een bankgarantie. RCP had onder een vaststellingsovereenkomst met de Neo-vennootschappen een bankgarantie van € 786.000,-, die zij inriep ondanks dat niet aan de verkoopvoorwaarden van schepen was voldaan.
De rechtbank Arnhem stelt vast dat in het Nederlandse civiele recht geen algemeen ne bis in idem-beginsel geldt en dat de procedure bij de rechtbank Arnhem een andere rechtsvraag betreft dan de eerdere procedure bij de rechtbank Rotterdam. De rechtbank wijst het beroep van Neo Holding en PMR op niet-ontvankelijkheid af.
Neo Holding en PMR stelden dat RCP wanprestatie en onrechtmatig handelen pleegde door de bankgarantie onterecht in te roepen, maar zij hebben onvoldoende gespecificeerd welke verplichtingen uit de vaststellingsovereenkomst door RCP zijn geschonden. De rechtbank geeft hen de gelegenheid om dit nader te omschrijven.
Daarnaast wordt Neo Holding en PMR verzocht duidelijkheid te verschaffen over welke vennootschap uiteindelijk aansprakelijk is voor de betaling onder de contragarantie en in hoeverre verhaal mogelijk is op de Neo Kemp-vennootschappen. De verdere behandeling van de zaak wordt aangehouden en de partijen krijgen gelegenheid om aanvullende stukken in te dienen.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep op niet-ontvankelijkheid af en stelt Neo Holding en PMR in de gelegenheid nadere specificaties te geven, waarna de zaak wordt voortgezet.