ECLI:NL:RBARN:2007:BB9212
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toepasselijkheid en vernietigbaarheid van algemene voorwaarden in internationale handelsrelatie
In deze civiele zaak tussen Parker Hannifin B.V. en Hemos B.V. staat de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden centraal. Hemos betoogt dat de algemene voorwaarden niet van toepassing zijn omdat deze niet besproken zijn, niet ter hand zijn gesteld en in het Engels zijn opgesteld terwijl beide partijen Nederlands spreken. Tevens beroept Hemos zich op vernietigbaarheid van de voorwaarden.
De rechtbank stelt vast dat Parker prijslijsten en orderbevestigingen heeft verzonden waarin duidelijk wordt verwezen naar de algemene voorwaarden, die op de achterzijde in het Engels zijn afgedrukt. Hemos heeft deze orderbevestigingen ontvangen en zonder protest geaccepteerd, en bovendien vele facturen betaald die eveneens verwezen naar de voorwaarden. De rechtbank acht dit voldoende om aan te nemen dat Hemos bekend was met de voorwaarden en daaraan gebonden is volgens artikel 6:232 BW Pro.
De rechtbank overweegt dat het feit dat de voorwaarden in het Engels zijn gesteld niet afdoet aan hun toepasselijkheid, mede gelet op de internationale markt waarin Parker opereert en het ontbreken van een verzoek om nadere toelichting door Hemos. Ook het beroep op vernietigbaarheid op grond van artikel 6:234 lid 1 BW Pro wordt verworpen, omdat Hemos geacht kan worden bekend te zijn met de voorwaarden door de langdurige handelsrelatie en opeenvolgende overeenkomsten.
De rechtbank wijst het incident tot onbevoegdverklaring af en veroordeelt Hemos in de proceskosten. De zaak wordt voortgezet met een rolzitting voor conclusie van antwoord op 9 januari 2008.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat de algemene voorwaarden van Parker van toepassing zijn en wijst het incident tot onbevoegdverklaring af.