ECLI:NL:RBARN:2007:BC2570
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herroeping vonnis toelating schuldsaneringsregeling niet mogelijk; tussentijdse beëindiging toegestaan
Verzoekster verzocht de rechtbank om herroeping van het vonnis van 30 mei 2005 tot toepassing van de schuldsaneringsregeling, omdat zij niet aansprakelijk is voor de schulden waarop de regeling van toepassing is. Subsidiair verzocht zij om tussentijdse beëindiging van de regeling.
De rechtbank overweegt dat op grond van vaste jurisprudentie van de Hoge Raad het rechtsmiddel van herroeping niet openstaat tegen beslissingen op verzoeken tot toepassing van de schuldsaneringsregeling, vanwege het gesloten stelsel van de Faillissementswet en het belang van rechtszekerheid.
De rechtbank wijst het primaire verzoek tot herroeping af, maar gaat wel akkoord met het subsidiaire verzoek tot tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling op grond van artikel 350 lid 3 sub b Fw Pro, nu verzoekster niet langer aansprakelijk is voor de schulden.
De bewindvoerder zal overleg plegen met de rechter-commissaris over de gevolgen van deze beëindiging. De rechtbank stelt tevens het salaris van de bewindvoerder en de publicatiekosten vast.
Uitkomst: Herroeping van het vonnis tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen, maar de regeling wordt tussentijds beëindigd wegens niet-aansprakelijkheid voor de schulden.