ECLI:NL:RBARN:2007:BJ2754
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onterecht opgelegde leges bij tweede aanvraag vrijstelling WRO wegens beschermd vertrouwen
Eiser diende een tweede aanvraag in voor een vrijstelling ex artikel 19, tweede lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO) voor een perceel te [Z]. Verweerder legde hiervoor leges op, welke eiser betwistte. De rechtbank stelde vast dat eiser als aanvrager van de vrijstelling moest worden aangemerkt en dus in principe leges verschuldigd was.
Echter, eiser stelde dat tijdens een gesprek op 13 juli 2006 met vertegenwoordigers van de gemeente, waaronder wethouder [E], hem was toegezegd dat de procedure voor risico en verantwoording van de gemeente zou zijn, en dat daarom geen leges in rekening zouden worden gebracht. Eiser ondersteunde dit met getuigenverklaringen.
De rechtbank achtte het vertrouwen van eiser in deze toezegging in rechte beschermd, omdat verweerder onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat deze toezegging niet was gedaan. Hierdoor was de aanslag leges onterecht opgelegd. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de aanslag en de uitspraak op bezwaar, en veroordeelde verweerder in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de aanslag leges en oordeelt dat eiser terecht geen leges verschuldigd is vanwege het gewekte vertrouwen.