ECLI:NL:RBARN:2008:BC2750
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzekeringsgeschil over opzegging en dekking kostbaarhedenverzekering na vermeende wanbetaling
Eiser sloot bij Ohra drie verzekeringen, waaronder een kostbaarhedenverzekering gekoppeld aan een inboedelverzekering. Ohra zegde de polissen op wegens verzwijging van eerdere opzeggingen wegens wanbetaling bij Fortis. Eiser ontkent deze verzwijging en stelt dat hij niet wist van de opzeggingen.
De rechtbank oordeelt dat Ohra terecht een beroep doet op de mededelingsplicht ex artikel 7:928 en Pro 7:930 BW en dat indien eiser wist of behoorde te weten van de opzeggingen, Ohra niet tot uitkering gehouden is. Dit vermoeden wordt toegelaten tot tegenbewijs.
Daarnaast moet eiser de beroving van de sieraden bewijzen, wat niet voldoende is aangetoond. Ohra’s verweer dat eiser onvoldoende zorg betrachtte door met de sieraden en alcohol op straat te zijn, wordt verworpen.
De rechtbank staat eiser toe tegenbewijs te leveren omtrent zijn kennis van de opzegging en de beroving en bepaalt een vervolgprocedure met getuigenverhoor en bewijsstukken. Alle verdere beslissingen worden aangehouden.
Uitkomst: Eiser wordt toegelaten tot tegenbewijs en de zaak wordt aangehouden voor nadere bewijslevering en getuigenverhoor.