ECLI:NL:RBARN:2008:BC4428
Rechtbank Arnhem
- Voorlopige voorziening
- P.A. Huidekoper
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtsgeldigheid en handhaving concurrentiebeding in arbeidsovereenkomst
In deze zaak staat de rechtsgeldigheid van een concurrentiebeding centraal, opgenomen in een reglement dat onderdeel uitmaakt van een schriftelijke arbeidsovereenkomst tussen [partij A] en [partij B]. [partij A] betwistte dat hij het reglement en het beding had ontvangen en erkend, terwijl [partij B] stelde dat dit wel het geval was, onder meer door ontvangst- en akkoordverklaringen en een standaardgesprek voorafgaand aan het dienstverband.
De kantonrechter stelt dat een concurrentiebeding rechtsgeldig tot stand kan komen indien het is opgenomen in een reglement dat bij het schriftelijke arbeidscontract is gevoegd, het contract naar het reglement verwijst en de werknemer schriftelijk akkoord is gegaan. Dit is hier het geval, waardoor aan de wettelijke eis van schriftelijkheid is voldaan.
Hoewel [partij A] enkele persoonlijke bezwaren tegen het beding aanvoerde, waaronder onvrede over de bedrijfscultuur en arbeidsvoorwaarden, weegt dit niet zwaarder dan het belang van [partij B] bij handhaving van het beding. De voorzieningenrechter wijst de gevorderde schorsing van het beding af en beveelt [partij A] zich te houden aan het concurrentiebeding en de geheimhoudingsplicht, met een dwangsom bij overtreding.
De zaak wordt verwezen naar de bodemprocedure voor verdere behandeling, waarbij bewijslevering over de ontvangst van het reglement zal plaatsvinden. Het tussenvonnis sluit hoger beroep uit en bepaalt de proceskostenveroordeling ten laste van [partij A].
Uitkomst: Het concurrentiebeding is rechtsgeldig en wordt gehandhaafd; de gevorderde schorsing wordt afgewezen.