ECLI:NL:RBARN:2008:BC5612
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Boete opgelegd wegens voorwaardelijk opzet bij niet aangeven afkoopsom kapitaalverzekering
Eiser heeft in 2003 een kapitaalverzekering met lijfrenteclausule afgekocht en de afkoopsom van €132.893 niet vermeld in zijn aangifte inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV). De aangifte werd verzorgd door een gemachtigde, die tegenstrijdige verklaringen gaf over het al dan niet ontvangen van de afkoopgegevens van eiser.
De Belastingdienst legde een navorderingsaanslag en een vergrijpboete van 50% op wegens het niet aangeven van de afkoopsom. Eiser stelde dat de fout aan zijn adviseur toerekenbaar was en beriep zich op jurisprudentie waarin opzet of grove schuld van de adviseur niet aan de belastingplichtige kan worden toegerekend.
De rechtbank stelde vast dat eiser niet de zorgvuldigheid betrachtte die redelijkerwijs van hem verwacht mocht worden. Uit correspondentie met de verzekeringsmaatschappij bleek dat eiser op de hoogte had moeten zijn van de fiscale gevolgen en dat de afkoopsom belast was. De rechtbank achtte het aannemelijk dat eiser willens en wetens de reële kans aanvaardde dat de aangifte onjuist zou zijn, en bevestigde de boete.
Het beroep van eiser werd ongegrond verklaard en de boete werd als passend en geboden beoordeeld. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de vergrijpboete van 50% wegens voorwaardelijk opzet van eiser bij het niet aangeven van de afkoopsom.