ECLI:NL:RBARN:2008:BC6167
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- G. Noordraven
- H.T. Wagenaar
- P.J. van den Broeke
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen valsheid in geschrift en oplichting bij nalatenschapsafwikkeling
De rechtbank Arnhem heeft op 10 maart 2008 een 67-jarige man veroordeeld voor medeplegen van valsheid in geschrift en oplichting, gepleegd in de periode van december 2003 tot juli 2004. De man, werkzaam als financieel adviseur, werkte samen met twee medeverdachten om de kleinzoon van een van hen en twee Luxemburgse banken te misleiden. Door het opmaken van een valse boedelbeschrijving waarin het vermogen op Luxemburgse bankrekeningen niet werd vermeld, werd de kleinzoon bewogen tot het verwerpen van de nalatenschap van zijn overleden moeder.
Hierdoor konden de medeverdachten zich voordoen als erfgenamen en ontvingen zij via een verklaring van erfrecht de banktegoeden van de overleden vrouw. De rechtbank oordeelde dat de verdachte wist dat de bank het geld niet zomaar aan de medeverdachte wilde uitkeren en dat het verwerpen van de nalatenschap nodig was om de bank tot uitbetaling te bewegen.
De verdediging voerde meerdere verweren aan, waaronder het bestaan van afspraken met de bank en het ontbreken van opzet, maar deze werden verworpen. De rechtbank achtte het bewezen dat de verdachte listig en bedrieglijk handelde met het oogmerk zichzelf en anderen wederrechtelijk te bevoordelen. De strafmaat van 9 maanden gevangenisstraf, waarvan 4 voorwaardelijk, werd passend geacht gezien de ernst van de feiten en de leidende rol van de verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 9 maanden gevangenisstraf, waarvan 4 maanden voorwaardelijk, wegens medeplegen van valsheid in geschrift en oplichting.