ECLI:NL:RBARN:2008:BC9425
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtsgeldigheid hypotheek op perceel grasland binnen huwelijksgemeenschap
Eiseres was gehuwd in algehele gemeenschap van goederen en ontving een perceel grasland via koop van haar moeder. In de koopakte werd een schuldigerkenning en kwijtschelding vastgelegd, waarbij werd bepaald dat de kwijtschelding niet in enige gemeenschap van goederen zou vallen. Eiseres stelde dat het perceel daardoor buiten de gemeenschap viel en dat haar echtgenoot beschikkingsonbevoegd was om daarop een hypotheek te vestigen ten behoeve van gedaagden.
Gedaagden betwistten dit en stelden dat het perceel wel in de gemeenschap viel en dat zij op grond van een afspraak met de raadsman van de echtgenoot een hypotheekrecht mochten vestigen. De rechtbank onderzocht de akte en het huwelijksgoederenrecht en concludeerde dat de kwijtschelding niet automatisch betekende dat het perceel buiten de gemeenschap viel. De uitleg van de akte wees uit dat het perceel tot de gemeenschap behoorde.
De rechtbank oordeelde dat de hypotheekrechtvestiging rechtsgeldig was en dat gedaagden als hypotheekhouders recht hadden op de verkoopopbrengst. De vordering van eiseres tot terugbetaling van het bedrag werd daarom afgewezen en zij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering af en bevestigt de rechtsgeldigheid van de hypotheek op het perceel grasland binnen de gemeenschap van goederen.