ECLI:NL:RBARN:2008:BD5244
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige eenzijdige wijziging van reiskostenvergoeding door werkgever
De werknemer was sinds 2001 in dienst bij Hago en ontving een reiskostenvergoeding voor woon-werkverkeer naar Hengelo of Enschede. In 2007 wijzigde de werkgever eenzijdig deze regeling om deze in lijn te brengen met de CAO, met een afbouwregeling en een eenmalige betaling van €196,69. De werknemer stelde dat deze wijziging niet rechtsgeldig was omdat geen eenzijdig wijzigingsbeding was overeengekomen.
De kantonrechter overwoog dat een eenzijdige wijziging van een arbeidsovereenkomst in beginsel niet is toegestaan zonder een dergelijk beding. Het beroep van de werkgever op artikel 7:611 BW Pro en gewijzigde omstandigheden faalde omdat de wijziging van de werklocatie al was voorzien in de oorspronkelijke regeling. Ook het subsidiaire beroep op redelijkheid en billijkheid (art. 6:248 BW Pro) slaagde niet omdat geen onaanvaardbare situatie was aangetoond.
De kantonrechter veroordeelde de werkgever tot betaling van de reiskostenvergoeding conform de oorspronkelijke regeling, onder verrekening van de afbouwvergoeding, en toekenning van wettelijke rente. De proceskosten werden aan de werkgever opgelegd.
Uitkomst: De werkgever mocht de reiskostenregeling niet eenzijdig wijzigen; de werknemer heeft recht op de oorspronkelijke vergoeding met wettelijke rente.