ECLI:NL:RBARN:2008:BD6838
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens onrechtmatige daad in bestuursrechtelijke verhoudingen Gelderland Eventsaffaire
In deze zaak vordert een voormalig lid van het college van Gedeputeerde Staten van de Provincie Gelderland een verklaring voor recht dat de Provincie onrechtmatig jegens hem heeft gehandeld, met onder meer een schadevergoeding en rectificatie. De zaak betreft politieke en bestuurlijke conflicten rondom de inrichting van werkkamers, de Gelderland Eventsaffaire en de rol van de Commissaris van de Koningin.
De rechtbank onderzoekt drie hoofdpunten: onjuiste informatieverstrekking door de Commissaris over de inrichting van werkkamers, druk op de gedeputeerde om tijdelijk terug te treden en de rol van de Commissaris bij het strafrechtelijk onderzoek. Uit de feiten blijkt dat de Commissaris onvolledige en onjuiste informatie gaf aan Provinciale Staten, maar dit wordt niet als onrechtmatig jegens de gedeputeerde aangemerkt vanwege de context van politieke verantwoordelijkheid en vrijheid van meningsuiting.
De druk om terug te treden werd door de Commissaris uitgeoefend met onjuiste mededelingen over een dreigende ministeriële aanwijzing, maar de rechtbank oordeelt dat dit niet leidt tot aansprakelijkheid omdat het aftreden uiteindelijk voortkwam uit de politieke en strafrechtelijke situatie van de gedeputeerde. Ten slotte is het opnemen van een brief van de gedeputeerde in de aangifte tegen hem niet onrechtmatig, omdat dit in het kader van behoorlijk bestuur en strafrechtelijk onderzoek noodzakelijk was.
De rechtbank wijst de vorderingen af en veroordeelt de eiser in de proceskosten. De vordering van de Provincie Gelderland in reconventie is ingetrokken.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van de eiser af en veroordeelt hem in de proceskosten.