ECLI:NL:RBARN:2008:BD7661
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Vordering tot ontruiming van woonruimte wegens tijdelijke bruikleenovereenkomst
Eiser is sinds 2004 huurder van een woning waarin gedaagde vanaf augustus 2006 tijdelijk verbleef op basis van een bruikleenovereenkomst. Gedaagde kreeg de slaapkamer toegewezen en betaalde geen vergoeding. Ondanks meerdere verzoeken van eiser om te vertrekken, bleef gedaagde in de woning en veroorzaakte vernielingen.
Eiser vordert ontruiming binnen twee dagen na vonnis, met machtiging tot ontruiming met behulp van de sterke arm. Gedaagde voert geen inhoudelijk verweer, maar vindt de termijn van twee weken te kort.
De voorzieningenrechter kwalificeert de overeenkomst als bruikleen en oordeelt dat deze te allen tijde met een redelijke termijn kan worden opgezegd. Gezien de situatie en de onhoudbare omstandigheden voor eiser, wordt een termijn van één maand voor ontruiming redelijk geacht. De vordering wordt toegewezen met machtiging tot ontruiming en veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld om binnen één maand de woning te ontruimen met machtiging tot ontruiming door eiser.