ECLI:NL:RBARN:2008:BF1558
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Klein Egelink
- W.H.A.C.M. Bouwens
- J.M. Neefe
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit huishoudelijke verzorging wegens onvoldoende onderzoek en ontbrekende medische stukken
Eiseres, een alleenstaande ouder met chronische mobiliteitsbeperkingen, vroeg verlenging van huishoudelijke verzorging op grond van de Wmo. Het college kende huishoudelijke verzorging toe op HbH 1-niveau, deels verhoogd tot HbH 2-hulp voor drie maanden, maar weigerde extra uren voor maaltijdvoorbereiding en opvang van haar dochter op HbH 2-niveau.
De rechtbank constateerde dat de medische stukken waarop het Ciz-advies was gebaseerd niet aan de rechtbank waren verstrekt, in strijd met artikel 8:42 Awb Pro. Hierdoor kon niet worden vastgesteld of het advies zorgvuldig was opgesteld. Tevens was onvoldoende onderzocht of alternatieve voorzieningen, zoals kinderopvang, beschikbaar en betaalbaar waren voor eiseres.
De rechtbank oordeelde dat het college het beleid niet onredelijk toepaste, maar wel verplicht was om in individuele gevallen te onderzoeken of afwijking van het beleid noodzakelijk was om de compensatieplicht uit de Wmo te respecteren. Het college moet bij hernieuwde besluitvorming rekening houden met de individuele omstandigheden en een onderbouwd standpunt innemen over alternatieve voorzieningen.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten. Het college moet een nieuw besluit op bezwaar nemen met inachtneming van deze overwegingen.
Uitkomst: Het besluit tot toekenning van huishoudelijke verzorging wordt vernietigd en het college moet een nieuw besluit nemen met inachtneming van de uitspraak.