ECLI:NL:RBARN:2008:BG3586
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- N.W. Huijgen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot opheffing non-actiefstelling financieel directeur wegens vertrouwensbreuk
In deze kortgedingprocedure vordert de financieel directeur (eiser) dat zijn non-actiefstelling wordt opgeheven en dat hij wordt toegelaten tot zijn werkzaamheden bij de werkgever (gedaagde). De directeur werd op non-actief gesteld wegens vermeende tekortkomingen in zijn functie, waaronder het verkeerd inschatten van financieringsbehoeften en het missen van een BTW-teruggave.
De voorzieningenrechter benadrukt dat in kort geding geen diepgaand feitenonderzoek kan plaatsvinden en dat het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst op een andere zitting inhoudelijk zal worden behandeld. De kernvraag is of de werkgever zich als goed werkgever heeft gedragen door de directeur op non-actief te stellen.
Uit de stellingen van partijen blijkt dat het vertrouwen binnen de driekoppige directie ernstig is geschaad, wat volgens de voorzieningenrechter leidt tot een onwerkbare situatie indien de directeur zou worden toegelaten tot zijn functie. Gezien de omstandigheden weegt het belang van de werkgever zwaarder dan dat van de werknemer.
Daarom worden de vorderingen van de directeur afgewezen en wordt hij veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is gewezen door mr. N.W. Huijgen en uitgesproken op 20 oktober 2008.
Uitkomst: De vordering tot opheffing van de non-actiefstelling wordt afgewezen vanwege het ontbreken van vertrouwen binnen de directie.