ECLI:NL:RBARN:2008:BG4174
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- L. van Gijn
- C. van Linschoten
- G.H.W. Bodt
- Rechtspraak.nl
Weigering vergoeding proceskosten bezwaar inzake Wob-verzoek aan UWV
Eiseres, een stichting, verzocht het UWV om toezending van geanonimiseerde documenten op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Na een bezwaarprocedure tegen het niet tijdig beslissen op dit verzoek, werd het bezwaar gegrond verklaard en werd het verzoek om informatie ingewilligd. Echter, het UWV wees de vergoeding van de kosten die eiseres in verband met het bezwaar had gemaakt af, omdat zij meende dat geen sprake was van door een derde verleende rechtsbijstand.
De rechtbank oordeelt dat het UWV ten onrechte heeft aangenomen dat de rechtsbijstand niet door een derde was verleend. De rechtsbijstand werd verleend door een medewerker van een adviesbureau waarvan de voorzitter van de stichting tevens directeur is, wat volgens de rechtbank toch als beroepsmatige rechtsbijstand door een derde moet worden beschouwd. De rechtbank vernietigt daarom het bestreden besluit voor zover het de vergoeding van kosten betreft.
De rechtbank veroordeelt het UWV tot vergoeding van de in bezwaar gemaakte kosten van € 80,50 en in beroep tot € 322, en wijst het UWV aan als de rechtspersoon die deze kosten moet vergoeden. Tevens moet het UWV het betaalde griffierecht van € 281 aan eiseres vergoeden. Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd voor zover het de kostenvergoeding betreft.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van de door eiseres gemaakte kosten in bezwaar en beroep en het betaalde griffierecht.