ECLI:NL:RBARN:2008:BG6216
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Opheffing conservatoir derdenbeslag wegens onvolledige informatie en nietigheid beslaglegging
De zaak betreft een geschil tussen EDUCATIE PROJECTEN HOLLAND B.V. (EPH) en HES CONSULTANCY B.V. (HES) over conservatoir derdenbeslag gelegd door HES onder een stichting die gelden beheert voor EPH. EPH vordert opheffing van het beslag omdat het eerste beslag nietig zou zijn wegens het niet overbetekenen van de dagvaarding aan de Stichting, en omdat de beslagrekesten onvolledig en misleidend waren doordat HES het vonnis waarbij haar reconventionele vorderingen waren afgewezen niet ter kennis van de beslagrechter bracht.
De rechtbank oordeelt dat het eerste beslag van rechtswege vervallen is wegens het niet overbetekenen van de dagvaarding, maar dat het tweede beslag geldig is. Wel is het beslagrekest onvolledig en misleidend, wat de rechter ernstig weegt. Door het beslag legt HES beslag op gelden die zij zelf had betaald ter voldoening van het uitvoerbaar bij voorraad verklaarde vonnis, waarmee zij de uitvoerbaarheid frustreert. Het restitutierisico van HES is geen rechtvaardiging voor het beslag.
De voorzieningenrechter heft het beslag op, veroordeelt HES in de proceskosten en legt een dwangsom op voor het geval HES opnieuw beslag legt zonder de voorzieningenrechter te informeren over deze uitspraak. Tevens wordt de Stichting veroordeeld om het bedrag binnen veertien dagen aan EPH uit te keren. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het conservatoir derdenbeslag wordt opgeheven en HES wordt veroordeeld in proceskosten en tot betaling van een dwangsom.