ECLI:NL:RBARN:2008:BG7062
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J. Blaisse
- T.P.E.E. van Groeningen
- D.T. Boks
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens onaanvaardbaar afbreken onderhandelingen joint venture
Technocon Holding vorderde betaling van NavTrak wegens het onaanvaardbaar afbreken van onderhandelingen over een gezamenlijke joint venture. NavTrak stelde dat de onderhandelingen nooit zover gevorderd waren dat zij niet zonder consequenties konden worden beëindigd en dat het toepasselijke recht Nederlands recht was. De rechtbank oordeelde dat de gesprekken wel als onderhandelingen moesten worden gekwalificeerd, maar dat tussen augustus 2006 en november 2007 geen correspondentie meer was geweest, waardoor het vertrouwen in het tot stand komen van een overeenkomst was afgenomen.
Verder stelde de rechtbank vast dat Technocon Holding zelf had bijgedragen aan het stilvallen van de besprekingen door het niet opstellen van een MoU en dat de personen met wie werd onderhandeld niet beslissingsbevoegd waren. NavTrak had de onderhandelingen met een brief van 28 november 2007 afgebroken, waarna de rechtbank oordeelde dat dit niet onaanvaardbaar was omdat er geen gerechtvaardigd vertrouwen meer bestond.
De vorderingen van Technocon Holding werden afgewezen, zowel primair als subsidiair, en ook de stelling van ongerechtvaardigde verrijking werd verworpen. De rechtbank veroordeelde Technocon Holding in de proceskosten en NavTrak in het incidentele proceskostenbedrag. Het geschil werd berecht naar Nederlands recht omdat de onrechtmatige daad in Nederland had plaatsgevonden en er geen rechtskeuze was gemaakt voor Engels recht.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van Technocon Holding af en oordeelt dat NavTrak het recht had de onderhandelingen af te breken.