ECLI:NL:RBARN:2008:BG8100
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor bedreiging, poging tot afpersing en mishandeling met deels voorwaardelijke gevangenisstraf
De rechtbank Arnhem heeft een 38-jarige verdachte berecht wegens meerdere strafbare feiten waaronder bedreiging, poging tot afpersing en mishandeling. Verdachte werd beschuldigd van het gooien van een handgranaat bij het slachtoffer, maar werd hiervoor vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs. De bedreigingen bestonden uit dreigende sms-berichten en telefonische intimidaties gericht op het slachtoffer en diens gezin.
Het bewijs tegen verdachte voor het gooien van de handgranaat was voornamelijk gebaseerd op verklaringen van getuigen die elkaar deels tegenspraken, waardoor de rechtbank dit niet als wettig en overtuigend bewijs beschouwde. Wel werd bewezen geacht dat verdachte herhaaldelijk bedreigende sms-berichten stuurde en het slachtoffer mishandelde, waarbij ook gebruik werd gemaakt van het feit dat een handgranaat was gegooid.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van negen maanden op, waarvan drie maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar. Daarnaast werd een schadevergoeding van €500 toegekend aan het slachtoffer voor immateriële schade. De inbeslaggenomen auto werd teruggegeven aan verdachte, het inbeslaggenomen geldbedrag aan een derde partij. De civiele vorderingen van de benadeelden werden grotendeels niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende eenvoud voor behandeling in het strafgeding.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot negen maanden gevangenisstraf, waarvan drie maanden voorwaardelijk, vrijspraak voor het gooien van een handgranaat.